Op zondag voeren wij in principe geen opdrachten uit, tenzij het moet natuurlijk. Een ideale gelegenheid dus om de omgeving te verkennen.
Als eerste rijden we naar Babanovac, een wintersportoord bij de berg Vlasic. Buiten de ski-mogelijkheden is het gebied is ook bekend om zijn kaas. Tijdens de Bosnische Oorlog werd deze omgeving het toneel van zware gevechten tussen het Bosnische regeringsleger en het leger van de Bosnische Serviërs, die vanuit de bergen met name de stad Travnik voortdurend beschoten. Er liggen nog steeds veel landmijnen in dit gebied, getuige de rode bordjes met de tekst “MINAS” langs de kant van de weg.
De weg van Travnik naar Babanovac is voor een fietser van het type klimmer een stukje paradijs op aarde. Het maakt me enthousiast. Ruim 14 kilometer bergop in een schitterend landschappelijk decor. Ik weet nu al zeker dat ik mijn lijf op deze klim geregeld wil trakteren op wat fysieke inspanning.
Het contrast in Babanovac is groot. Moderne hotels, vakantiehuisjes, niet voltooide gebouwen en zwaar verwaarloosde gebouwen staan kris kras door elkaar en staan zo garant voor een bizar schouwspel. Niet bepaald een plek waar ik op wintersport zou willen gaan. In het ski-oord vind je ook de reserve springschans van de Olympische Winterspelen in Sarajevo in 1984. De schans is nu niet meer dan een vervallen bouwwerk.
We dalen de Vlasic aan de andere kant af en komen terecht in het dorpje Vitovlje. Het dorp is bijzonder vanwege de aanwezigheid van rijtjeshuizen die door de staat Brunei zijn bekostigd. Van grote afstand zie je de rijen huizen als opvallende witte strepen in het landschap liggen. Alleen jammer dat er niet is gedacht aan goede voorzieningen. Zo zijn er geen verharde wegen en straatverlichting.
In de buurt van Vitovlje nemen we ook nog even een kijkje bij een man die tussen de bergen zijn “eigen paradijsje” op een idyllisch plekje heeft gecreëerd. Hij kweekt forellen en runt daar een eenvoudig restaurantje. Echt leuk om te zien.
In het plaatsje Serici stoppen we voor een bruine beer die in een te kleine kooi met een betonnen vloer zijn dagen slijt. Zielig om te zien hoe die beer daar moet leven. “Wat moet iemand nou met een beer?”, vraag ik me af. Nadat ik een foto heb gemaakt van de beer rijden we terug naar ons huis in Travnik. Deze dag heeft me duidelijk gemaakt dat ik in een prachtige omgeving ben terechtgekomen.
